Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.
gehaktbal
Vlaamse Ardennen: frikandellenbal of frikandellebal
< Frans boulette (gehaktbal)
zie ook bouletten, naar de ~
Ge moet de bouletten koken voor ge ze bakt.
Gehaktballen (bouletten)
-in een braadpan de bouletten 5 minuten laten aanbakken aan 1 zijde.” (recept uit tijdschrift)
gehaktbal
ook frikandellebal
boulet
Van Dale 2005
frikandel
de naam is eind jaren vijftig van de twintigste eeuw bij snackfabriek De Vries in Dordrecht verzonnen
worstvormig stuk gefrituurd gehakt
Ge moet genoeg gekapt en chapelure in uw frikandellenballen doen!
huilen
Van Dale 2005: wenen
(1201-1250) afgeleid van wee
(archaïsch, algemeen Belgisch-Nederlands)
DS2015 standaardtaal
Antwerpen: schreeuwen
Leuven: grijzen
Limburg: jinsteren
Maasland: beuken
West-Vl.: schremen
zie ook: bleiten, grienen
Ze weende van blijdschap.
De eerste prijs was een weekje Wenen was er gezegd, maar het bleek uiteindelijk een weekje wenen te zijn en de winnaar kreeg een kilo ajuinen.
uitspraakvariant van holkruiper
zie varianten bij gatlikker (AN “gatlikker”: slijmerd)
Past voor hem op want hij wil in den baas z’n (h)ol kruipen. Dat is nen (h)olkruiper.
Sterk naaigaren op een kaartje gedraaid, bestond in wit en zwart
Ook kaartjesgaren genoemd
Een naad genaaid met twijn zal niet meer loskomen, eerder zal de stof versleten zijn.
Er zat altijd kaartjesgaren in moeders naaidoos.
> zie ook tamboerkesgaren
Nieuwe versie!
Er is een nieuwe versie van het Vlaams Woordenboek online. Mocht je problemen ondervinden, gelieve deze te melden op onze
GitHub.